Dank aan Philips

untaksieitledKrities, je moest krities zijn. Maar dat viel nog helemaal niet mee, want er was al zoveel veranderd in 1980, al zoveel bereikt. En het leven, althans mijn leven, was helemaal niet slecht. Buiten woedde een economische crisis zoals we in Nederland sinds de jaren dertig niet meer hadden gekend, maar ik merkte er niks van. Sterker nog, het ging me beter dan ooit. 18 Jaar oud, na een heel leven in een dorp, nu net op kamers in een heuse  stad. Zelfstandig en bemiddeld. Ik was een van de troetelkindjes van de verzorgingsstaat. Van een staat die koortsachtig gelijke en eerlijke kansen wilde bieden aan iedere stakker, of wie dan ook maar die in enig opzicht minder bedeeld was of leek. En in een wereld waarin mathematische gelijkheid tussen mensen niet bestaat, ben je dat al gauw: een stakker. Ik kreeg een volledige beurs waarvan het bedrag me deed duizelen. Even veel als een bijstandsuitkering. Bijna duizend gulden. Om je zelf te ontplooien, of wat daar dan ook maar voor door kon gaan. Want je hoefde niks voor die centen te doen en je hoefde je er al zeker niet voor te verantwoorden (zie ook het stukje ‘Begin’ op deze blog). Studeren was een recht, hoe je dat  verder ook ‘moda del dolce far niente’ invulde. En die bom duiten was dat ook. Dat was trouwens eerder een soort schadevergoeding voor al het onrecht dat je voorouders was aangedaan. Zo zat dat, volgens velen .untdsfafgSDtled

Een uit de hand gelopen dronken roes van zelfverheffing voor iedereen.

Al mijn maatjes (m/v) indertijd waren economen. Ik weet ook niet hoe dat kwam. Ik mengde niet goed met juristen, dat is zeker, en het zal ook met het mooie toeval van spontane vriendschappen te maken hebben gehad. Wie weet ook gedeelde achtergrond. De meeste van die maatjes waren net als ik kind van kleine luiden. Dat was in 1980 bepaald geen straf, zoals ik al zei, eerder een pre. Je kreeg die volledige beurs. En dan waren er nog zoals Jan en Herman. Kinderen van Philipsmedewerkers. Die kregen bovenop de staatsbeurs nog eens een extraatje toegestopt van Philips. De Philipsbeurs. Een apart fonds dat de multinational had ingesteld om het studeren van kinderen van hun medewerkers te ondersteunen. Gedeeltelijk pure filantropie, gedeeltelijk secundaire arbeidsvoorwaarde, gedeeltelijk gezond eigenbelang – Gerard Kleisterlee bijvoorbeeld studeerde ooit op zo’n beurs. De investering loonde nogal eens; het inspireert loyaliteit.imagesCAWKQ93C

Maar niet bij iedereen. Bij types als Jan en Herman – alle twee achtstejaarsstudent –  wakkerde die beurs geen liefde aan, maar juist de afkeer voor het bedrijf. Al waren ze als student zeer welgesteld – Jan woonde in een groot eigen appartement in West (met eigen douche en keuken, etc.) en Herman, die in een soort commune leefde, had een eigen Volkswagenbus en een Citroën 2CV. Nee, dankbaar waren ze niet. Krities. Je moest vooral krities op zoiets zijn.

Het was april ergens in de jaren tachtig. Jan had aangedrongen op een week versterving. ‘Ontslakken’, want je darmen zitten vol met oude troep en resten waar je uiteindelijk hardstikke dood aan gaat. Een week lang niks dan water en wat sla en vieze groene drankjes drinken. Dat hielp. Roken mocht wel, natuurlijk, en al mocht je eigenlijk geen alcohol nuttigen in het ontslakkingsdieet, het moest wel een beetje leuk blijven. Dus dat deden we ook, vooral toen we door kregen dat je na twee dagen vasten van een pilsje al totaal op je kop stond.

De hele week had ik darmkrampen en we raakten met zijn allen enorm aan de diarree van die groene sapjes waarvan Jan de samenstelling maar niet wilde onthullen. En het smaakte ook vreselijk. Maar juist die sapjes waren noodzakelijk voor het purgeren. Dus namen we ze maar, want een hele week zonder eten voor niks was eigenlijk ook zonde. We hielden het vol met heel veel vragen. Een antwoord kregen we aan het einde van de week.

Zaterdagochtend kwam Herman ons ophalen met zijn Volkswagenbus. ‘Je moet je een beetje aankleden als een corpsbal’ had Jan verordonneerd. ‘Natuurlijk hebben we geen van allen een wit overhemd, een stropdas, of een colbert, maar dat leen je dan maar van je vader,’ had Jan gezegd op een toon die geen tegenspraak duldde. ‘En ook allemaal je haar wat nat maken en als het te lang is in een staart.’ Hij deed het ons voor. ‘Zo naar achteren.’ Daarna keek hij ons nog eens indringend in onze holle, uitgehongerde ogen. ‘En ga niet zitten kloten, want dan komt de hele aksie in gevaar.’

We voelden ons allemaal gammel en ziek achter in de Volkswagenbus naar Eindhoven. Na een week versterving waren we lijkbleek en in die apepakkies voelden we ons nog  beroerder. ‘Houd vol,’ had Jan ’s morgens nog gezegd. We mochten niet drinken of eten in de auto. Ik ging zowat van mijn houtje.

De mijnheer aan de deur van het congrescentrum in Eindhoven keek wat vreemd op. Jan gaf hem de papieren – een pakket aandelen (of certificaten – ik wil er van af zijn) Philips. Er zat een mevrouw aan een tafeltje die de papieren controleerde. Ze knikte. ‘En jullie willen er met zijn zessen in?’ Jan knikte beslist. ‘Maar dat betekent dat iedereen maar één aandeel heeft…’

Jan glimlachte welwillend. ‘Volgens het reglement hebben we toegang…’

‘Dat kan zijn,’ zei de man, ‘maar wij hebben te waken voor mogelijke ordeverstoringen..’

‘Ordeverstoringen?’ Jan’s gezicht veranderde in één groot vraagteken, ‘beste man, wij zijn economiestudenten uit Tilburg. De meesten van ons volgen het tweedejaarsvak bedrijfseconomie, en wij willen nu wel eens van dichtbij….’

De man aan de deur kneep zijn ogen tot een spleetje. ‘Mag ik dan je collegekaart zien?’ Jan scheen deze vraag te hebben verwacht en trok direct een verkreukelde kaart.

‘Akkoord,’ zei de man, nadat hij al onze kaarten had gezien (‘jij studeert rechten?’ –‘ja’ zei ik, ‘ik ben hier om wat meer te weten over het rechtspersonenrecht’). Hij leek het nog steeds niet te vertrouwen.

En toen konden we uiteindelijk toch naar binnen. Binnen naar de aksievoerdershemel.

imagesCAQ0XET5Er was een groot buffet dat klaarstond voor de Philipsaandeelhouders. Heerlijke gerechten en overal drankjes. ‘Aanvallen!’ verordonneerde Jan en dat deden we dus. Uitgehongerd als we waren, stopten we ons in enkele minuten vol met zalm, gebraden varkensham (‘mjammie honingsaus’), kippenpootjes, broodjes, cake en taart (paling zoveel ik in korte tijd binnen kon krijgen) aardappelvleessalade en wijn en bier, heel veel wijn en bier. Binnen een half uur aten we ons ongans en waren we godvergeten dronken. Er waren veel afkeurende blikken. We dolden met en riepen naar elkaar. En Ja, we gooiden ook met eten en overgoten elkaar met bier. Het is allemaal waar wat er in het daarna gemaakte universiteitsverslag staat. Laveloos. En het was nog maar twee uur in de middag.

´Hé is er geen fruit! Jullie hebben toch wel fruit!!’

De man die aan de deur had gestaan, liep in onze richting met een stel anderen. Die wilden duidelijk even met ons praten. Net toen ging de bel die aangaf dat de algemene aandeelhoudersvergadering werd geopend. Een stoet van keurige mensen, in keurige pakken en mantelpakjes liep naar de zaal. Wij hobbelden mee, armen over elkaars schouders en stikkend van de lach. Jan was nog een beetje aanspreekbaar. ´Hier´ zei hij, toen we als laatsten zowat in de grote zaal schoven´. Hij drukte ons een soort lange stok met een laken er om heen gerold in de hand.

unavaphilipstitledHet Philipsbestuur zat achter een lange tafel met slecht leesbare naambordjes voor hun neus. De president, directeur, commissaris, of wie het ook was, nam het woord en opende de vergadering. Er waren wat plichtplegingen en toen ging het dienstdoende hoofd, of wie dan ook, achter het spreekgestoelte staan. Dat was onze ´cue´.

Met allemaal weer de haren los, renden we naar voren. ´Philips uit Zuid-Afrika!! Geen wapens meer aan het regime!! Philips uit Zuid-Afrika!! Jan stortte zich op het podium en probeerde de microfoon de bestuurstafel te pakken te krijgen. Tot grote schrik van een hele chique bestuurder lukte Jan dat ook. ‘Jullie hebben allemaal bloed aan jullie handen! Schande!! Het lukte hem nog maar net en wij kregen ook nog net het spandoek ontrold, voordat de man die we aan de deur hadden gezien ons met een flinke versterkingsploeg te pakken kreeg. Als getrainde aktievoerders wisten we – dronken en al – nog wat we moesten doen. Plat op de vloer gaan liggen. Drie of vier mensen moesten er aan te pas komen om ieder van ons aan armen en benen de zaal uit te dragen. ‘We zijn aandeelhouders – we hebben recht om hier te zijn!!’ riepen we.

Net voordat we de zaal definitief uitgedragen waren, knipoogde Herman met een hele brede lach om zijn lippen tegen mij en de anderen. Top, fantastisch. Jazeker, het was weer eens geweldig geslaagd uitje geworden. Straks als we terug waren gauw nog eens kijken wanneer de Shell aandeelhoudersvergadering was.  Gezellig.

imagesCAUOFFFX

Advertisements

About wimvoermans

Meer nog te vinden op http://www.wimvoermans.nl/ en op facebook http://www.facebook.com/wim.voermans.58
This entry was posted in Persoonlijk, Uncategorized and tagged , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s