Coconkluts

Het is 9 september en al weer een dag of drie lekker zonnig. Laagjesweer: slierten geurige zomerstaart doorregen met af en toe een frisse herfsttoon (zo zou het zeker heten in een folder van de Gall & Gall). Het waait, dat wel, maar lekker in de rug. Ik ben op de fiets op weg naar mijn werk. Heb er al een kilometer of vijftien op zitten. Heerlijk, suizend langs de Vliet. In mijn oren schalt foute jaren zeventig muziek (Boston – niet zo verkeerd trouwens – Heart, Chicago, Boney M. en – ik krijg het maar niet uit mijn systeem – Marianne Rosenberg). Nummers die getuigen van zo weinig muzieksmaak, dat ik ze nergens anders durf te draaien dan rechtstreeks via de oortelefoon in de privéruimte van mijn hoofd. Om precies kwart voor negen passeer ik de Zoetermeersingel in Leiden. Een drukke weg. Eigenlijk de eerste keer dat ik op moet letten op het verkeer, want langs de Vliet zie je eigenlijk geen auto’s. Vrachtauto’s rijden me hier ineens tegemoet, op weg naar het industrieterreintje aan de linkerkant van de weg. Rechts een huizenrij uit de jaren dertig. Net op dat moment zet Charles Aznavour in: ‘Emmenez moi (au bout de la terre). Wat houd ik toch van geweldige rotmuziek.

Mevrouw P. heeft ook de radio aangezet. In haar geval harde Samba-muziek. Het stilt haar heimwee een beetje. Latina, nu al weer zo’n jaar of twintig in Nederland. Wennen doet het nooit. Ze heeft haast, want om 9 uur een afspraak. Aan de overkant probeert een vrachtwagen te parkeren, waardoor mw. P. haar Toyota, die ze net met een 180 graden bocht uit de parkeerhaven aan de rechterkant van de weg naar de linkerweghelft wilde dirigeren, terug moet steken. Strak kijkend naar wat een vrachtwagen aan de overkant aan het doen is, geeft ze, zodra die linkerweghelft vrij is, gas. Net op het moment dat ik langs kom.

1608-006290‘Kraak!! ze rijdt me omver’, haar wielen over mijn achterwiel. Mijn persoon mist ze rakelings. Ze raakt nog wel even mijn laars. En in één keer word ik ruw uit mijn muzakroes gerukt. De MP3-speler is losgeraakt van de koptelefoon; er is ineens het storende geruis en geraas van de stad in plaats van de kattenstaarten van Aznavour. Dat steekt me nog het meest. Ook mw. P. lijkt eerder geïrriteerd dan geschrokken. Ze wuift met haar hand en gebaart me om mijn fiets weg te halen, want ze kan er zo niet door. Ik loop naar haar toe en gebaar haar om het raampje naar beneden te doen. Uiteindelijk doet ze dat – ik versper haar de doorgang – en ze zet de Sambamuziek af. Dan een wonderlijk gesprek in gebroken Nederlands. ‘Iek zag oe niet’ en ze maakt aanstalten om weer weg te rijden.

‘Maar mevrouw u heeft me aangereden, dit moeten we even regelen….’ probeer ik.

‘Iek deed het niet expres,’ zegt ze, ‘iek heb een afspraak om 9 uur.’

Ze geeft een beetje gas.

‘Maar ik heb schade…’

‘Ielemaal niet,’ schat ze ongezien in.

Een paar medewerkers van de plantsoendienst Leiden die het hele tafereel hebben gezien, komen er nu ook bij. Trekken deskundige gezichten.

‘Ik zag hem niet, en ik deed het niet expres,’ herhaalt mw. P. ‘Ik keek naar die vrachtwagen en toen kwam die mieneer ineens langsrijden…’

‘Ja maar u zit fout mevrouw,’ zegt een van de mannen.

imagesCAOCTY05‘Ielemaal niet!’, verweert ze zich kranig, ‘Iek deed het niet expres, iek zag hem niet. Hie kwam zomaar ieneens uit een oek.’

Mijnheer P. die nog net koffie zat te drinken, ziet door het raam hoe zijn vrouw, en de plantsoendienstbodes praten. Hij komt toegesneld en hoort het verhaal aan.

‘Natuurlijk,” bromt hij rustig, na de situatie te hebben bekeken.’We gaan een schadeformulier invullen. Loop maar even mee.’

‘Ja, maar iek deed het niet expres. Iek kon hem gewoon niet zien,’ bezweert mw. P. haar man.

‘Daar gaat het niet om Rose,’ zegt die, ‘je komt uit een parkeerhaven rijden zo de weg op en dan zit je fout.’

Ze schudt ontkennend haar hoofd, mismoedig onder zoveel onbegrip. Binnen zet ze koffie en doet nog een paar het verhaal van haar goede bedoelingen en onschuld.

‘Normaal is ze zo niet,’ zegt P. nadat we alles in de gauwigheid hebben ingevuld (ergerlijk: voorbedrukte schadeformulieren houden kennelijk geen rekening met de situatie waarin een auto een fietser of voetganger aanrijdt). ‘Ze is van slag.’

Ik zie het nu ook. Haar hand trilt. De schade valt alles mee, maar onze ochtendcocons zijn als eieren tegen elkaar geklutst. Weg samba, weg jaren zeventig muziek. Het duurt gewoon even voordat je uit je eigen wereldje weer voor de medemens ontwaken kunt. Van slag. Ik ook. Als ik vertrek, vergeet ik het doorslagje van het schadeformulier mee te nemen. En ik heb geen namen van getuigen.

Advertisements

About wimvoermans

Meer nog te vinden op http://www.wimvoermans.nl/ en op facebook http://www.facebook.com/wim.voermans.58
This entry was posted in Algemeen, Persoonlijk and tagged , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s